HANDHAVING WET DBA WEDEROM UITGESTELD, TOT 1 JANUARI 2021

HANDHAVING WET DBA WEDEROM UITGESTELD, TOT 1 JANUARI 2021

In 2016 verviel de VAR-verklaring met de komst van de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). Sindsdien worstelt het kabinet met de vraag hoe de zelfstandige zonder personeel (zzp’er) het ‘werken als zelfstandige’ kan aantonen.

Momenteel handhaaft de Belastingdienst de wet DBA daarom alleen als er sprake is van ‘kwaadwillendheid’. Deze handhavingspraktijk wordt voortgezet tot 1 januari 2021.

Voorstel voor concrete invulling

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de staatssecretarissen van Financiën en Economische Zaken en Klimaat presenteerden in de derde voortgangsbrief aan de Tweede Kamer, van 24 juni 2019, hun voorstel voor de concrete invulling van de maatregelen uit het regeerakkoord. Het is de bedoeling dat de nieuwe regelgeving in werking treedt op 1 januari 2021. Hierbij gaat het om de volgende maatregelen:

  1. Een generiek minimum-uurtarief van 16 euro. De bewindspersonen beseffen dat een minimumtarief de vrijheid van dienstverlening en vestiging beperkt. Echter dit levert minder strijd op met het Europees recht dan het eerdere plan om bij een laag uurtarief een omzetting te laten plaatsvinden van een overeenkomst van opdracht naar een arbeidsovereenkomst.
  2. Een opt-out van de loonheffingen en de werknemersverzekeringen voor het hoge tarief. Deze zogenaamde zelfstandigenverklaring biedt zekerheid vooraf. Er gelden vijf voorwaarden:
  • In de overeenkomst van opdracht is opgenomen dat partijen de bedoeling hebben geen arbeidsovereenkomst te sluiten;
  • De arbeidsbeloning bedraagt minimaal € 75 per uur (prijspeil 2019);
  • De overeenkomst wordt aangegaan voor maximaal een jaar;
  • De opdrachtgever en de opdrachtnemer ondertekenen beiden de zelfstandigenverklaring;
  • De opdrachtnemer dient bij de Kamer van Koophandel ingeschreven te staan.
  1. Er komt een webmodule met een aantal vragen. Aan de hand van de antwoorden kan vooraf worden uitgesloten dat er sprake is van een dienstbetrekking, de zogenaamde opdrachtgeversverklaring. De grote “mits” in dit verhaal is dat er in de praktijk dienovereenkomstig gewerkt dient te worden. Dit betekent dus geen zekerheid vooraf maar wederom een afhankelijkheid van de beoordeling door de Belastingdienst achteraf.

Meer lezen

Kamerbrief Voortgang uitwerking maatregelen ‘werken als zelfstandige’

Kamerbrief Toezicht Arbeidsrelaties